Krabbels in de marge

In deze rubriek wordt elke maand kort en krachtig een bijzonder, apart of juist heel gewoon opgegraven voorwerp belicht. Deze maand betreft het een middeleeuwse stilus, oftewel schrijfstift.

Wie schrijft die blijft, althans dat is het gezegde. Helaas geldt dit niet voor de schrijver die 0-90klev-0192-001-1met een stilus zijn of haar verhaal aan de zachte was toevertrouwde. Want als de ingekrast boodschap was gelezen, werd de tekst eenvoudig weer gladgestreken. Soms zijn er karige aantekeningen overgeleverd doordat de ijverige schrijver zijn of haar boodschap dermate hard in de was had gedrukt, dat de punt van de stilus tot in het hout doordrong. Heel soms kunnen we zo flarden van teksten lezen. Of dit ook geldt voor de schrijver op kasteel Huis ter Kleef is niet bekend, want tijdens de opgraving is alleen de stilus oftewel schrijfstift aangetroffen. Van het bijbehorende wasplankje ontbreekt ieder spoor.

Aantekeningen, rekeningen en brieven
imagesEen stilus is een lange stift van hout, been, ivoor of metaal met meestal een spatelvormig uiteinde aan de ene zijde en een puntige stift aan de andere kant. De stilus werd al in de romeinse tijd gebruikt voor het maken van aantekeningen, rekeningen en brieven zonder blijvend belang. Hiervoor gebruikte men wastafeltjes. Dit zijn rechthoekige houten plankjes die in het midden zijn verdiept en met een laagje bijenwas zijn bestreken. In de was werd een tekst of tekening met de stilus aangebracht. Als de tekst of de tekening niet meer nodig was werd deze eenvoudig verwijderd door met het spatelvormig uiteinde van de stilus de was weer glad te strijken. Het wasplankje was zo weer bruikbaar voor een nieuwe boodschap.

Bijzondere styli
0-90klev-1054Er zijn er ook afwijkende vormen van styli bekend, waarbij de spatel handvormig of bolvormig is. Soms is de stilus van een ringetje voorzien om het schrijfgerei op te hangen of met zich mee te dragen. Bijzonder zijn de styli uit de dertiende en veertiende eeuw die in de Seine te Parijs werden gevonden. Ze zijn vervaardigd van lood en bovenaan de spatelzijde ‘halve maanvormig’ De voor- en achterzijde van deze uiteinden zijn versierd met onder andere een bisschop, een aap, kruis of een floraal decor.

De stilus van Huis ter Kleef
0-90klev-0226Tussen 1992 en 1994 werd door de AWH de slotgracht van het kasteel Huis ter Kleef in de huidige Haarlemmer Kweektuin opgegraven. De grachtvulling werd met water gezeefd, waardoor kleine voorwerpen makkelijker herkend werden. De allereerste vondst uit de oostgracht  in de zeef aangetroffen betreft een stilus. De stilus van Huis ter Kleef is vervaardigd van een koperlegering en dateert uit de vijftiende eeuw. Het uiteinde is spatelvormig en voorzien van een manchet, terwijl de schrijfkant is voorzien van een puntige stift.

Klooster en abdij800px-ruusbroec_miniatuur2
In Haarlem werden tijdens een opgraving in de jaren 1978-1979 in de zuidelijke kloostergang van het vroegere Dominicanerklooster –het huidige stadhuis- enkele skeletten aangetroffen. Naast de schedel van één van de skeletten werd een stilus aangetroffen. Of we hieruit mogen opmaken dat deze stilus als een grafgift is meegegeven aan zijn gebruiker is niet met zekerheid te zeggen. Bij de abdij van Egmond werd eveneens een stilus aangetroffen. De stilus is gemaakt van brons en voorzien van versiering in de vorm van een gestileerde slang. Deze stilus dateert uit de elfde eeuw.

Langdurig gebruik
Wasplankjes en styli werden over het algemeen tot in de vijftiende eeuw gebruikt. Daarna wordt het schrijven op papier meer algemeen en verdwijnen de wasplankjes en bijbehorende styli. Onder bepaalde omstandigheden werd echter nog lang gebruik gemaakt van deze schrijftechniek. Zo zijn enkele voorbeelden van langdurige gebruik bekend uit de zoutmijnen in Salesbury (tot 1812) en de vismarkt in Rouaan (tot 1919). In een vochtige omgeving waar papier en lei onbruikbaar zijn, was een wasplankje blijkbaar toch nog erg praktisch…

Een middeleeuwse kloostermop met pootjes

In deze rubriek wordt elke maand kort en krachtig een bijzonder, apart of juist heel gewoon opgegraven voorwerp belicht. Deze maand betreft het een middeleeuwse kloostermop.

Tijdens opgravingen worden regelmatig gebruiksvoorwerpenDSC00963 aangetroffen, die ons van alles vertellen over het dagelijks leven van weleer. Naast al deze aansprekende voorwerpen worden er soms ook heel gewone zaken opgegraven, zoals bouwmateriaal in de vorm van spijkers, stukjes vensterglas en bakstenen. Deze vondsten kunnen ons iets vertellen over de vroegere bebouwing, de materialen die men gebruikte en waar deze oorspronkelijk zijn gemaakt. Maar soms vertelt het bouwmateriaal ons nog net even wat meer, zoals de kloostermop met daarin de afdrukken van een klein hoefdier.

Gebouw van steen
0.90KLEV.1001De kloostermop –de vroege voorloper van de huidige baksteen- is afkomstig van het kasteel Huis ter Kleef in Haarlem en is tijdens het archeologisch onderzoek van de AWH in de periode 1990-1994 opgegraven. De kloostermop is gebruikt voor de bouw van het oudste deel van het kasteel, namelijk een middeleeuwse woontoren, uit de periode rond 1250. Het moet toen één van de weinige stenen gebouwen in de wijde omgeving zijn geweest en het zal ongetwijfeld indruk op de inwoners van het ontluikende stadje Haarlem hebben gemaakt. Wie de woontoren heeft gebouwd is helaas niet overgeleverd, maar het moet zeker een vermogend -en waarschijnlijk van adel- persoon zijn geweest. In de loop der eeuwen is de woontoren uitgebreid tot een heus kasteel, tot het in 1573 na het beleg van Haarlem door de Spanjaarden werd opgeblazen.

Blokken tufsteen
Wie de afmetingen van de kloostermop bekijkt, krijgt haast medelijden met de 0.90KLEV.0227middeleeuwse metselaars die de woontoren hebben gebouwd. Want met een lengte van 30 cm, een breedte van 15 cm en een dikte van 8 cm was de kloostermop aardig aan de maat. Deze afmetingen zijn gebaseerd op de blokken tufsteen die voor de ‘uitvinding’ van de kloostermop voor het bouwen van belangrijke gebouwen, zoals de vroege voorganger van de Grote of St. Bavokerk werden gebruikt. De kloostermoppen namen echter al snel in afmeting af. Vermoedelijk omdat kleinere vormen bakstenen niet alleen beter verwerkbaar waren op de bouwplaats, maar ook makkelijker waren om te hanteren tijdens het productieproces.

Droogproces
DSC00984Kloostermoppen en bakstenen werden gemaakt van klei. Nadat de klei in een mal tot een kloostermop was gevormd, werd deze samen met vele honderden anderen te drogen gelegd, voordat ze in een oven werden gebakken. Tijdens het droogproces kon het gebeuren dat de nog natte klei van de kloostermoppen werden belopen door dieren of mensen. Zo zijn er diverse kloostermoppen en bakstenen bekend met afdrukken van kindervoetjes en pootafdrukken van katten en honden. De verrassing van de opgravers was groot toen de kloostermop van Huis ter Kleef vol met afdrukken van kleine hoeven en glijsporen bleek te zitten. Het betreft een kleine hoefafdruk, mogelijk van een ree, geit of een schaap. De kloostermop is na het drogen gewoon gebakken en rond het jaar 1250 gebruikt bij de bouw van de woontoren.

Verhaal
Wie kon bevroeden dat deze kloostermop eerst eeuwen zat ingemetseld, daarna in 1573 met het kasteel de lucht in vloog en weer eeuwen later door enthousiaste amateurarcheologen in de grachtvulling werd aangetroffen. Kortom, deze ogenschijnlijk wat saaie kloostermop vertelt ons na ruim 750 jaar een fascinerend verhaal!

0.90KLEV.0375

Vondsten Kasteel Huis ter Kleef te zien op Dag van de Architectuur

Op zaterdag 18 juni organiseert het Architectuurcentrum Haarlem de ‘Dag van de ExpositieOndergronds-banner1Architectuur 2016’ in Haarlem én Bloemendaal. Het thema is dit jaar ‘ONDERGRONDS’ waarbij al het bouwkundige wat zich onder onze voeten bevindt, centraal staat. En uiteraard doen de leden van de Archeologische Werkgroep Haarlem (AWH) enthousiast mee met dit aansprekende thema! Van 11.00 tot 14.00 uur is onze werkruimte voor architectuurliefhebbers geopend.

Bouwmateriaal en glas in lood
Na het BeIeg van Haarlem is het kasteel Huis ter Kleef in 1573 door de Spanjaarden opgeblazen. Het kasteel is in de jaren 1990-1994 door de Archeologische Werkgroep Haarlem (AWH) opgegraven en wordt momenteel uitgewerkt. In de werkruimte van de amateurarcheologen kunt u de vondsten van de opgraving bekijken. Naast de vele scherven keramiek en een maquette van het kasteel worden bijzondere middeleeuwse bouwmaterialen getoond, waaronder gedecoreerde schouwwangen en gebrandschilderd glas in lood.

LocatieDSC08033
Werkruimte AWH
Schoolgebouw Korte Verspronckweg 7-9 in Haarlem
(NB volg op het terrein de ONDERGRONDS-borden!)
Geopend van 11.00 tot 14.00 uur.

Zie ook: Programma Dag van de Architectuur.

Het Archeologisch Museum Haarlem doet uiteraard ook mee. Neem tussen 13.00 en 17.00 uur ook even een kijkje in het leukste ondergrondse museum van Haarlem!

 

Boeiende botten!

DSC00284De leden van de Archeologische Werkgroep Haarlem (AWH) zijn van alle markten thuis. Of het nu gaat om opgravingen, excursies of open dagen voor het publiek, ze draaien de hand er niet voor om. Hoe anders was het tijdens een dagje botten tellen. Want hoe herken je nou de botten van een zoogdier of een vogel? En waaraan zie je eigenlijk het verschil tussen de botten van een koe, konijn en een hert?


Een vak apart

Onder begeleiding van stadsarcheoloog Sem Peters van de gemeente Haarlem werden DSC00321onlangs diverse zakken met botmateriaal uit de slotgracht van Kasteel Huis ter Kleef aan een nader onderzoek onderworpen. De vele vondsten en de gegevens van deze opgraving worden momenteel uitgebreid onderzocht en beschreven, met als einddoel een vuistdikke publicatie en een mooie tentoonstelling in het Archeologisch Museum Haarlem. De meeste vondsten, zoals keramiek, glas en metaal, zijn bekend terrein voor de enthousiaste leden, maar botmateriaal is toch een vak apart. Het botmateriaal van Huis ter Kleef wordt dan ook door een gespecialiseerd bedrijf onderzocht.

Uit de gracht
Tussen 1992 en 1994 is er enkele honderden kilo’s botmateriaal uit de gracht van Huis ter DSC00304Kleef verzameld. En doordat tot op de meter en grondlaag nauwkeurig bekend is wel botje waar is gevonden en hoe oud dat is, kunnen er zeer gedetailleerde vragen over de bewoningsgeschiedenis worden beantwoord. Botmateriaal zelf is lastig te dateren, maar gelukkig geldt dit juist niet voor de vele duizenden scherven keramiek uit de gracht . Hierdoor weten we vrij nauwkeurig uit welke periode een botje afkomstig is.

Verhaal
De plaats waar de botten in de gracht zijn opgegraven zegt iets over het gebruik van de DSC00377verschillende kasteelruimten en de wegwerppatronen van de bewoners. Daarnaast kan worden bepaald welke dieren op het menu stonden, of ze jong waren of oud en of het alledaags voedsel betrof of juist sjieke hapjes voor een adellijke dis. En of de dieren van verre werden aangevoerd, of er zelf geslacht werd of dat er alleen stukken vlees werden gekocht. Kortom botten kunnen ons veel vertellen.

Sorteren en tellen
Door het botmateriaal voor diverse zakken met vondsten te tellen en te sorteren op bot en DSC00273schelpen, ontstaat goed inzicht inde hoeveelheid botten die in totaal zijn opgegraven en onderzocht kunnen worden. Op basis hiervan kan een gespecialiseerd bureau heel gericht een offerte voor het te onderzoeken botmateriaal verstrekken. In totaal zijn er meer dan 50 kratten met zakken botmateriaal geborgen. Een klein deel was al onderzocht en in 1995 in het eerste beknopte boek over de opgraving van Huis ter Kleef beschreven. Nu is de tijd rijp voor nieuw onderzoek aan deze oude botten. Vandaar dat de AWH graag een handje hielp bij het tellen van de botten. De botten gingen door de enthousiaste uitleg van de stadsarcheoloog al snel leven en er ontstonden spontaan allerlei beelden van uitgebreide banketten. Je zou er haast trek van krijgen…

DSC00328

 

 

Stoer staal en glanzend goud

 

DSC00070 DSC09956

 

 

 

 

 

Je kunt je van alles proberen voor te stellen bij een beschrijving van een middeleeuwse gouden broche belegd met rode mineralen rondom een byzantijnse munt. Of hoe een hofstede er in 1737 uitzag op basis van een vervagende oude prent. Niets benadert toch de verwondering en beleving van het daadwerkelijk van dichtbij zien van de broche of in de gierende wind van het uitzicht op het Friese platteland genieten op een nagebouwde stalen kasteelreconstructie.

En daarom moet je soms achter je scherven en van je werkplek vandaan. Om geïnspireerd en aantrekkelijk geprikkeld te worden en ook omdat het gewoon erg leuk is.

 

DSC09930

De leden van de AWH trokken over de afsluitdijk naar Leeuwarden en Bears. In het Fries museum werd uitgebreid en vol bewondering voor het ambacht en de kunst  naar alle gouden sieraden en voorwerpen gekeken. En natuurlijk ook besproken en aangevuld met alle kennis die we al hebben. En zou er nu toch ook niet zoiets in Haarlem gevonden kunnen worden ?

Later in de middag bezochten we Uniastate in Bears. Daar is in staal een een-op-een kopie neergezet van een hofstede die er ooit stond. Het is een kunstproject als onderdeel van een landschapsplan voor de gehele omgeving. Het is een verrassend simpele en subtiele manier van visualiseren van wat er ooit was en toch wel tof is om nu nog te kunnen zien, en dat zonder de geschiedenis over te doen.

En deze belevenis leverde op de terugweg de wildste ideeën op voor eenzelfde constructie om het verloren Huis ter Kleef weer tot leven te wekken onder de huidige bedekking van planten en struiken vandaan. Dat zou toch wel erg leuk en mooi wezen, maar eens beginnen met sparen……..

IMG_7918

Archeologen in de dop!

IMG_8845Afgelopen weken hebben meer dan 700 leerlingen van basisschool ter Cleeff in het kader van het jaarlijkse project kust en cultuur zich in de Haarlemse archeologie verdiept. Samen met het Archeologisch Museum Haarlem hielp de Archeologische Werkgroep Haarlem (AWH) uiteraard enthousiast een handje mee. Want wat is er nou leuker om de passie voor archeologie bij kinderen aan te wakkeren!

Film, vondsten en vitrine
90 klev v 0669Voor de start van het archeologie-project werd door de juffen en enkele kinderen in het diepste geheim een leuke film gemaakt. Naast allerlei graafgereedschap als scheppen en troffels had de AWH ook enkele echte vondsten beschikbaar gesteld, waaronder niet alleen scherven maar ook een echte gave jacobakan van het kasteel Huis ter Kleef. Deze jacobakan speelde vervolgens een belangrijke rol tijdens het project. Naast de rekwisieten voor de film leverde de AWH echte middeleeuwse kookpotjes, kannetjes, borden en kinderspeelgoed –opgegraven op Huis ter Kleef- voor de inrichting van een vitrine. Daarnaast werd met opgraafspullen en gereedschap een heuse pop-up opgraving in de hal van de school ingericht. Alle kinderen konden zo goed zien hoe een opgraving er uit ziet.

Aan de slag
Naast een bezoek aan het Archeologisch Museum Haarlem kwamen alle groepen 7 en 8 12986966_837449579693361_8223224197232589806_nvan de school voor speciale archeo-lessen naar de werkruimte van de AWH. De leerlingen konden zo zien hoe na een opgraving alle vondsten worden onderzocht en beschreven. De rijen tafels vol met scherven maakten indruk! Enthousiaste AWH-leden hadden met de conservator van het Archeologisch Museum Haarlem een leuk programma samengesteld. Zo kregen de leerlingen eerst een presentatie over de opgraving van het kasteel Huis ter Kleef in de Haarlemmer Kweektuin en konden ze daarna zelf als archeoloog aan de slag.

Puzzelen en uitpluizen
12512235_837449559693363_4490598193579538658_nZo werden scherven nagetekend, kon er gruis uit de gracht worden uitgeplozen en werden scherven deskundig door de leerlingen gedateerd. En tijdens de laatste dag van het archeologie-project was een van de AWH-archeologen op school om vragen van alle leerlingen, ouders en opa’s en oma’s te beantwoorden. Maar liefst 150 leerlingen van groep 7 en 8 hebben zo kennis gemaakt met de fascinerende wereld van de archeologie. Over enkele jaren zien we ze graag weer terug om als AWH-lid mee te helpen aan het opgraven en ontrafelen van de geschiedenis van Haarlem!

Boren op buitenplaats Leyduin

DSC09865Wie denkt dat de leden van de Archeologische Werkgroep Haarlem e.o. alleen maar bezig zijn met opgravingen, het puzzelen van scherven en het tekenen van potjes komt bedrogen uit. Op zaterdag 2 april stond namelijk een groep enthousiaste leden in alle vroegte in het veld op buitenplaats Leyduin, in de gemeente Bloemendaal. Gewapend met grondboor, waterpas en meetlinten ging men aan de slag om de ondergrond in kaart te brengen.

Werkzaamheden
Op buitenplaats Leyduin vinden in opdracht van landschap Noord-Holland momenteel werkzaamheden plaats, waaronder de herbestemming van het Jufferhuis. Dit is het oudste pand op buitenplaats Leyduin en dateert uit de 18e eeuw. Daarnaast worden de Leybeek en de Graslanden heringericht. Met het oog op deze werkzaamheden assisteerde de Archeologische Werkgroep Haarlem e.o. bij het bodemonderzoek van een van de terreinen, waar mogelijk een paddenpoel wordt aangelegd.

Meten
Om een goed beeld van de ondergrond te krijgen is het terrein door middel van DSC09756grondboringen in kaart gebracht. Over het gehele terrein is vooraf een meetsysteem van twee kruisende rechte lijnen uitgezet. Met het waterpas en de baak –een lang meetlat- werd eerst de hoogte van het huidige maaiveld langs de uitgezette lijnen opgemeten om een goed beeld te krijgen van het reliëf in het landschap. Ook konden hierdoor aansluitend de boringen en de aangetroffen grondlagen op de juiste hoogte ten opzichte van elkaar worden ingemeten. Een goede voorbereiding is het halve werk.

Grondboor
Langs de twee rechte lijnen werd om de 10 meter een grondboring gezet. Hiervoor werd met DSC09853een gutsboor -te vergelijken met grote appelboor- tot circa drie meter diep in de bodem geboord. Het boren ging stap voor stap in zijn werk. De eerste boring van een meter lengte ging vanaf het maaiveld de bodem in. Nadat de boor met spierkracht de bodem was ingedrukt werd deze al draaiende weer omhoog gehaald. Zo blijft de vulling goed in guts van de boor zitten. Eenmaal boven werd de boor neergelegd en werd de vulling afgestoken met een troffel. De gelaagdheid van de vulling wordt zo goed zichtbaar en is klaar voor analyse.

Lagen lezen
De bovenlaag van de bodem is vaak verrommeld en omgewoeld door wortels van planten en bomen en door mensen en dieren. Maar daarna is het DSC09783beeld vaak duidelijker. Na elke meter werd een verlengstuk aan de boor toegevoegd, waardoor tot circa drie meter diep in de bodem gekeken kon worden. Per boring werd gekeken naar de dikte van eventuele aanwezige lagen, veelal zand, veen, plantaardig bezinksel of cultuurlagen. In de guts was ook goed het verschil in kleur van de lagen en de samenstelling te zien. De vulling van elke laag werd bekeken en gevoeld en van het zand werd ook de grootte van de korrels bepaald. Uiteraard is alles uitvoerig gedocumenteerd. De bodemopbouw laat zich zo lezen als bladzijden in een boek.

Beeld
Er zijn in de loop van de dag enkele tientallen boringen op het terrein gezet. Door de lagen DSC09787van alle boringen overzichtelijk naast elkaar te projecteren ontstaat een goed beeld van de bodemopbouw in het terrein. Deze informatie kan vervolgens worden gebruikt om de plannen voor het terrein uit te voeren. Voorlopig is het nog even wachten op de resultaten, want de vele gegevens worden de komende periode eerst zorgvuldig onderzocht en geïnterpreteerd.

 

 

DSC09903

Een pispot uit de gracht

In deze rubriek wordt elke maand kort en krachtig een bijzonder, apart of juist heel gewoon opgegraven voorwerp belicht. Deze maand betreft het een pispot.

Voor het doen van de menselijke behoefte beschikte men in de middeleeuwen en de 0.90KLEV.0703.001nieuwe tijd nog niet over moderne toiletten zoals wij die kennen. Overdag maakte men gebruik van het gemak om de behoefte te doen. Voor de nachtelijke uren stond de nachtspiegel, oftewel pispot te beschikking. Men hoefde dan niet in het donker uit het bed om zich op een koud en donker gemak te ontlasten.

Keramiek
Het merendeel van de pispotten is van keramiek gemaakt. Soms zijn ze geheel of gedeeltelijk geglazuurd, maar de vroege exemplaren vaak nog niet. De ongeglazuurde pispot was poreus waardoor deze al snel onfris ging ruiken. Naast de gewone exemplaren kende men ook pispotten van tin. Deze waren makkelijker schoon te houden en gingen veel langer mee. De tinnen pispotten waren echter lange tijd een duur bezit en worden in middeleeuwse vondstcomplexen alleen tussen het afval van welgestelden aangetroffen. Soms waren deze tinnen exemplaren van een wapen voorzien, zoals bij een pispot van kasteel Aldegonde te Souburg in Zeeland, waarin het wapen van Adriaan van Borssele was geslagen.

Huis ter Kleef
0.90KLEV.0228In de gracht van het kasteel Huis ter Kleef is een van de oudste pispotten van Haarlem aangetroffen. Het betreft een pispot van grijsbakkend aardewerk uit de periode 1350-1400. De pispot is waarschijnlijk doelbewust grijs gebakken. Door de zuurstoftoevoer in de oven af te sluiten bakt de klei namelijk niet alleen grijs in plaats van rood, maar wordt het baksel ook minder poreus, waardoor de pispot minder urine opneemt en zo ‘aangenamer’ ruikt. De pispot is helemaal ongeglazuurd en heeft aan de binnenzijde wat kalkaanslag van urine.

Donkere nachten
In tegenstelling tot de wat latere exemplaren met een holle bodem, zoals bij flessen, heeft 0.90KLEV.0934pispot van Huis ter Kleef nog een geheel vlakke bodem. Dat tijdens donkere nachten het terugzetten na het gebruik niet altijd goed ging, is te zien aan de vele afgebroken schilfers van de bodem. Mogelijk kwam de pispot in het donker met een smak op de plavuizen vloer neer. Het is opvallend dat de kwetsbare pispot nog helemaal heel is. Mogelijk is de pispot tijdens het legen in de gracht gevallen. Of zat er aan deze pispot toch een luchtje?

Wie meer wil weten over de Haarlemse poep- en piescultuur moet zeker de huidige tentoonstelling ‘Haarlem ontlast’ in het Archeologisch Museum Haarlem gaan bekijken.

Een pijlpunt uit de steentijd

In deze rubriek wordt elke maand kort en krachtig een bijzonder, apart of juist heel gewoon opgegraven voorwerp belicht. Deze maand betreft het een pijlpunt.

In de zomer van 1986 kregen de leden van de Archeologische Werkgroep Haarlem e.o0.86JNW.0056cor. (AWH) de gelegenheid om onderzoek te doen op de locatie Jansweg 9-15, naast het NS-station Haarlem. Op het terrein was voorheen de Haarlemse Auto Centrale (HAC) gevestigd en naderhand is op de locatie het weinig flatteuze pand van het Arbeidsbureau gebouwd. De geschiedenis van deze plek gaat echter veel verder terug.

Strandwal
Haarlem ligt ten oosten van de Oude Duinen en deels op een strandwal in het westelijke veengebied. Ongeveer 5600 jaar geleden begon de zeespiegel te dalen als gevolg van klimatologische veranderingen. Door het terugtrekken van de zee vormde zich in het kustgebied kilometers brede zone van noord-zuid georiënteerde strandwallen. De oudste strandwal loopt van Heemstede naar Spaarnwoude en is ongeveer 5600 jaar geleden gevormd. Ten westen van deze strandwal ligt de strandwal van Haarlem die ongeveer 4800 jaar geleden is ontstaan. 0.86JNW.0003Tussen de strandwallen van Haarlem en Heemstede-Spaarnwoude strekte zich een strandvlakte uit, waar door vernatting veengroei kon plaatsvinden in de periode ijzertijd- vroege middeleeuwen. Hier heeft zich omstreeks 4000 jaar geleden het veenstroompje de Spaarne ontwikkeld, dat afwaterde op het Oer-IJ.

Akkerlagen
De opgravingslocatie Jansweg 9-15 lag op de oostflank van de Haarlemse strandwal. Illustratief voor de overgang van de strandwal naar de natte strandvlakte is het feit dat 0.86JNW.0025tijdens het onderzoek bronbemaling moest worden ingezet, om te kunnen opgraven. Tijdens het onderzoek werden sporen blootgelegd uit het laat-neolithicum, circa 1800 voor Chr. Er werden twee door stuifzand van elkaar gescheiden akkerlagen aangetroffen. In deze akkerlagen waren duidelijk ploegsporen waarneembaar. Bijna alle vondsten zijn uit beide akkerlagen afkomstig.

Vondsten
Het merendeel van het gevonden aardewerk is van het Klokbeker-type, een enkele van het Wikkeldraadtype. Ook werd vuursteen aangetroffen, diverse knoopschrabbers en vele afslagen. Het aardewerk en de vuurstenen werktuigen werden waarschijnlijk ter plekke 0.86JNW.0047vervaardigd. Naast de pijlpunt is -op dezelfde dag- nog een bijzonder vondst gedaan, in de vorm van een schitterende kleine bijl van natuursteen. In de akkerlagen werden ook greppels en kuilen waargenomen, waaronder enkele paalkuilen. Het aantal paalkuilen was echter te gering om hier een huisplattegrond uit te reconstrueren.

Pijlpunt
De vlakken van de opgravingsput werden zorgvuldig met de schep laagje voor laagje afgeschaafd. Tijdens het afschaven werd een opmerkelijk vondst gedaan in de vorm van een prachtige pijlpunt van grijzig vuursteen. De pijlpunt is slechts 2.5 cm lang en vakkundig met de hand bewerkt. Met behulp van eenvoudig klop- en drukgereedschap is de pijlpunt beetje bij beetje bewerkt. Op de pijlpunt zijn hiervan de bewerkingssporen nog goed zichtbaar. Met het oog op de vele gevonden stukjes afgeslagen vuursteen Het is zeer aannemelijk dat de pijlpunt ter plekke is vervaardigd. Naast de driehoekige punt met weerhaken is de pijlpunt van een ‘bevestigingstukje’ voorzien waarmee het aan de schacht van een pijl kon worden bevestigd. Waarschijnlijk is de pijlpunt voor jachtdoeleinden gemaakt, maar het is onduidelijk of er ook daadwerkelijk mee geschoten is. Mogelijk is de pijlpunt vroegtijdig verloren of weggegooid.

In Haarlem zijn meer pijlpunten van vuursteen gevonden, waaronder een tijdens de opgraving in de Hekslootpolder (1997) en zeer recent een in de Grote of St. Bavokerk (2016).

Graven in de Bavokerk!

De afgelopen week was het een drukte van belang in de Grote of St. Bavokerk aan de DSC09604Grote Markt in Haarlem. In de kerk werd alweer voor het derde jaar opgegraven. In de loop van een kleine week veranderde het interieur van de kerk in een maanlandschap vol kuilen en hopen zand, maar aan het einde van de week was alles weer netjes opgeruimd en aangeveegd. Onder leiding van de Haarlemse stadsarcheoloog groeven de leden van de Archeologische Werkgroep Haarlem enthousiast een handje mee.

Tufstenen kerk
DSC09279De afgelopen twee jaar werden al delen van de tufstenen kerk uit de dertiende eeuw blootgelegd. Hierbij ging het om de twee zijmuren en de achtergevel, het koor genaamd. Aanleiding voor de eerste archeologische stappen in de Grote of St. Bavokerk vormde de restauratie van een negentiende eeuws grafmonument van twee waterstaatkundige heren. Uit historische bronnen was bekend dat er bij de aanleg van dit monument tufsteen was waargenomen. De restauratie van het monument deed dan ook de archeologische alarmbellen rinkelen.

Muren en een verbrand vloertjeDSC09408
In 2014 was binnen enkele slechts uren de tufstenen muur binnen het grafmonument blootgelegd en volgde een speurtocht naar de overige muren van deze vroege kerk. Aangezien de kerken in deze tijd volgens een vaste maatverhouding werden gebouwd, kon vervolgens gericht worden gezocht. Zodoende konden beide buitenmuren worden gelokaliseerd en bleek de muur maar liefst een meter breed en 2.5 meter diep gefundeerd te zijn. In 2015 werd naar het koor van de tufstenen kerk gezocht. Hoewel het koor van vergelijkbare kerken veelal rond of als een rechthoekige uitstulping werd gebouwd, bleek de Haarlemse versie een geheel rechte koormuur te hebben. Daarnaast werd tijdens deze campagne een deel van een verbrande vloer met tegeltjes blootgelegd en volgden meer muurdelen van de tufstenen kerk.

DeuropeningDSC09448
Dit jaar stond de zoektocht naar de (zij)ingang van de tufstenen kerk centraal. Deze zou zich -op basis van de standaard bouwwijze – in de noordmuur aan de zijde van de Grote Markt moeten bevinden. De vraag was dan ook of er nog iets van de oorspronkelijke ingang zou resteren. Het lijkt er ook op dat deze is gevonden, al vergt het nog de nodige studie. Daarnaast is er weer allerlei muurwerk gevonden. Een deel hiervan is van tufsteen, maar er zit ook veel baksteen tussen. Van de buitenzijde van de tufstenen noordmuur is ook een prachtige plint blootgelegd.

KelderDSC09527
Aan de zijde van de Oude Groenmarkt werd onderzocht of de veertiende eeuwse bakstenen opvolger van de tufstenen kerk niet wat breder is geweest dat tot nu toe werd aangenomen. Aanleiding hiervoor vormde de vondst van een kelder onder de zeventiende eeuwse aanbouw. In de keldermuur werden tal van grote oude maten bakstenen en een fragment tufsteen waargenomen. Nadat de zerken waren gelicht is tussen de vele recente kabels en buizen gegraven naar aanwijzingen. Alhoewel de muur tot op het grondwater is blootgelegd, zal het nog de nodige tijde vergen om alles goed te overdenken. Gelukkig zijn alle bevindingen in het veld vastgelegd in dagrapporten, op foto’s en tekeningen.

VondstenDSC09369
Naast de nodige muren werden diverse andere vondsten gedaan, waaronder onderdelen van skeletten. De graven zijn in de negentiende eeuw massaal geruimd, waardoor tijdens de opgraving veelal losse onderdelen werden aangetroffen. Alleen op het allerdiepte niveau waren nog enkele begravingen aanwezig. Daarnaast werden tijdens het graven en zeven van de grond diverse scherven keramiek aangetroffen en kon met behulp van de metaaldetector tientallen munten worden geborgen. Een zéér bijzondere vondst werd door de Haarlemse stadsarcheoloog tijdens het zeven van de grond gevonden, namelijk een fraaie pijlpunt van vuursteen uit de steentijd. Deze pijlpunt dateert van ver voor de kerk, maar illustreert wel dat er al heel lang geleden ‘Haarlemmers’ op deze locatie met pijl en boog rondliepen.

VervolgDSC09488
De komende tijd worden alle vondsten, foto’s en tekeningen van de muren uitvoerig door de archeologen van de gemeente Haarlem bestudeerd en zullen de bevindingen worden gepubliceerd. Naast veel informatie leverde de laatste campagne ook weer nieuwe vragen op. Zo blijft de toren van de tufstenen kerk intrigeren. Kortom, het zand is dan wel teruggestort in de werkputten en de zerken zijn teruggeplaatst, maar wellicht moet archeologie-minnend Haarlem februari 2017 toch maar vast in de agenda vrijhouden…